Merknaam
Rinvoq
Wat is upadacitinib en hoe werkt het?
Upadacitinib behoort tot de groep van de ‘kleine moleculen’ (dit zijn chemisch geproduceerde geneesmiddelen, zoals de meeste klassieke geneesmiddelen). Het is een selectieve JAK1-inhibitor (het blokkeert de Januskinasen; deze behoren tot de groep proteïne kinase). Bij IBD (inflammatoire darmziekten) ontstaat een overdreven ontstekingsreactie in het lichaam (waaronder de darm). Daarbij speelt overactiviteit van JAK-eiwitten een belangrijke rol. Upadacitinib blokkeert de overmatige activiteit van het JAK1-eiwit om zo het ontstekingsproces bij IBD tegen te gaan.
Upadacitinib wordt ook gebruikt bij ontstekingsziekten van de gewrichten.
Terugbetalingsregels
Upadacitinib wordt terugbetaald bij Colitis Ulcerosa en ziekte van Crohn in ‘tweede lijn’.
Voorbereiding voor de start
Vóór de start van de behandeling worden enkele onderzoeken uitgevoerd om na te gaan of er geen sluimerende infecties aanwezig zijn: een bloedonderzoek, een huidtest (Mantouxtest voor tuberculose) en een longfoto. Infecties kunnen soms aanwezig zijn in het lichaam zonder dat je hiervan klachten hebt. Upadacitinib heeft een invloed op het immuunsysteem waardoor gebruik van deze medicatie ervoor kan zorgen dat de infectie opflakkert.
Attest
Er bestaan terugbetalingsregels waaraan voldaan moet zijn vóór de start van de behandeling. Dit wordt besproken met je behandelende arts. Het attest wordt in orde gebracht door de arts en wordt mee opgevolgd door de IBD-verpleegkundige.
Vaccinaties
Vaccinaties worden vóór de start van en tijdens de behandeling besproken en opgevolgd met je behandelende arts en je huisarts. Het is van groot belang dat er geen levend verzwakte vaccins meer mogen worden toegediend na de start/tijdens de behandeling (bijvoorbeeld vaccin tegen gele koorts en mazelen-bof-rubella).
Algemeen wordt het pneumokokkenvaccin, het jaarlijks covid- en griepvaccin en de 10-jaarlijkse tetanusvaccinatie aanbevolen. Ook kan het herpes zoster-vaccin (vaccin tegen Zona) worden besproken.
Cardiovasculaire risicofactoren
Patiënten boven 50 jaar worden gescreend voor cardiovasculaire risicofactoren zoals diabetes, verhoogde bloeddruk, verhoogde cholesterol … Upadacitinib wordt sterk afgeraden bij rokers en bij mensen met verhoogd risico op trombo-embolische events.
Opstart- en onderhoudsschema van de behandeling
| Inductie | Week 0-8 | colitis ulcerosa Week 0-12 | ziekte van Crohn | Tablet 45mg 1x/dag |
| Nazicht | Week 8 | Voor colitis ulcerosa: linker coloscopie Voor ziekte van Crohn: calprotectine na week 12 |
| Onderhoud | Vanaf week 8 Vanaf week 12 | ziekte van Crohn | Tablet 30mg 1x/dag |
Upadacitinib wordt in pilvorm toegediend. Tijdens de opstartfase (inductie) wordt 45mg 1x per dag ingenomen; in geval van Colitis Ulcerosa gedurende 8 weken en in geval van ziekte van Crohn gedurende 12 weken. Soms wordt de inductiefase verlengd tot week 16 (bij ziekte van Crohn eventueel tot week 24). Tijdens de onderhoudsfase (in principe na week 8): 30mg 1x per dag.
Bij mensen met een gedaalde nierfunctie wordt de dosis verlaagd (inductie wordt 30mg/dag en onderhoudsbehandeling wordt 15mg/dag). Soms wordt de dosis ook aangepast naargelang de leeftijd (bijvoorbeeld > 65 jaar).
Opvolging
Het effect van upadacitinib kan vrij snel zichtbaar zijn, doch soms kan het effect pas later zichtbaar worden.
De bloedafname wordt op regelmatige basis opgevolgd (bloedcellen, levertesten, nierfunctie en cholesterol).
Bij colitis ulcersosa zal in de meeste gevallen een linker coloscopie gebeuren rond week 8 (en in kader van terugbetaling verplicht vóór week 16); deze moet aantonen dat er verbetering is van de ziekteactiviteit ten opzichte van vóór de start.
In geval van ziekte van Crohn dient de herevaluatie (op basis van symptomen en/of stoelgangsstaal) te gebeuren vóór week 24.
Opvolging van de ziekteactiviteit kan gebeuren door middel van symptoomopvolging, bloedafname, stoelgangsstaal, beeldvorming (echo/MR/CT) of endoscopie. Hoe en wanneer deze onderzoeken gebeuren hangt af van de situatie en wordt besproken met je behandelende arts.
Als blijkt dat de medicatie goed aanslaat, wordt deze in principe verdergezet. Het onderdrukt de ontsteking en heeft als doel ‘ziekteremissie’ te bekomen en te behouden. Er kan geen definitieve genezing van je ziekte worden bekomen en het stoppen van de medicatie kan een opflakkering veroorzaken.
Wanneer je ziek bent, koorts en/of zona (!) hebt, wordt de toediening soms tijdelijk onderbroken. Je contacteert in dat geval best altijd de IBD-verpleegkundige!
Mogelijke nevenwerkingen
Zoals bij alle geneesmiddelen, kan ook het gebruik van upadacitinib bijwerkingen veroorzaken. Bij het starten van de behandeling kan hoofdpijn, gewrichtspijn, acne en misselijkheid optreden.
In het bloed kan de cholesterol en een spierenzyme (CK of creatinine kinase) stijgen en bloedcellen kunnen dalen (rode en/of witte bloedvellen).
Er lijkt een verhoogd risico op infecties te zijn zoals luchtweginfecties en zona.
Het cardiovasculair risico wordt mogelijks verhoogd door upadacatinib; hiervoor worden zowel vooraf als tijdens de behandeling voorzorgen genomen (cfr supra).
Er kunnen interacties optreden met sommige andere medicatie; bespreek chronische medicatie of nieuwe opstart van medicatie telkens met de IBD-verpleegkundige of behandelende arts! Voorbeelden zijn clarithromycine, itraconazole, de medicatiespiegel kan hierdoor verhoogd worden.
Overdreven inname van pompelmoes(sap) wordt afgeraden (de medicatiespiegel kan hierdoor verhoogd worden).
Contacteer altijd de IBD-verpleegkundige of behandelende arts bij het vermoeden van een belangrijke bijwerking of bij tekens van infectie zoals koorts en zona.
Zwangerschap en borstvoeding
Upadacitinib lijkt NIET veilig tijdens zwangerschap en borstvoeding. Bespreek tijdig een eventuele zwangerschapswens met de IBD-verpleegkundige en/of je behandelende arts.
In geval van een vastgestelde zwangerschap dien je de medicatie onmiddellijk te onderbreken en ons zeker op de hoogte te brengen!
Contact
IBD verpleegkundigen
- Telefonisch (052 25 21 76) te bereiken op dinsdag, donderdag en vrijdag.
Via secretariaat gastro-enterologie
Via mail
IBD-artsen