Onze artsen en medewerkers doen er alles aan om je verblijf in het ziekenhuis veilig te laten verlopen. Opdat ons patiëntveiligheidsprogramma efficiënt zou zijn, wensen wij je zo goed mogelijk te informeren en willen wij je actief betrekken in jouw zorgproces.
Het patiëntveiligheidsprogramma is gesteund op internationale richtlijnen en bevat onder meer volgende elementen:
- Patiëntenidentificatie
Een zorgvuldige identificatie draagt bij aan je veiligheid. Daarom krijg je vanaf de eerste opnamedag een identificatiepolsbandje. Op dit naambandje staan jouw voornaam en naam, je geboortedatum en een barcode. Verwijder het bandje niet en vraag er zelf om indien je geen naambandje om hebt.
- Veilig geneesmiddelenbeleid
Het ziekenhuis wil elk risico bij het voorschrijven en toedienen van medicatie voorkomen. Artsen, verpleegkundigen en apothekers werken in een centraal dossier. Zo worden risico's vermeden bij het doorgeven en bijsturen van opdrachten en wordt een multidisciplinaire aanpak mogelijk. Bij je ontslag wordt een totaaloverzicht van jouw ontslagmedicatie samengesteld en aan jezelf en je huisarts bezorgd.
- Tips voor veilig geneesmiddelengebruik
Als je ziek bent of ouder wordt, moet je vaak verschillende geneesmiddelen innemen. Als je deze op een goede manier gebruikt, kunnen ze de kwaliteit van je leven verbeteren. Maar hoe meer geneesmiddelen je neemt, hoe groter de kans op bijwerkingen, zoals duizeligheid of slaperigheid. We geven je daarom graag enkele tips voor een veilig geneesmiddelengebruik.
- Preventie van ziekenhuisinfecties
Een goede hygiëne is zeer belangrijk om infecties te voorkomen. Dit betekent dat je de handen grondig wast minstens voor en na de maaltijd, na gebruik van het toilet, voor je de kamer verlaat of contact hebt met bezoekers. Herinner ook jouw bezoekers en zelfs je zorgverleners eraan dat ze de handen wassen voor ze met je in contact komen!
- Valpreventie
Valpartijen hebben soms ernstige gevolgen, daarom doen we er alles aan om deze zo veel mogelijk te vermijden. Meld het ons zeker vóór de start van je raadpleging of onderzoek wanneer je:- recent bent gevallen
- angst heeft om te vallen
- hulpmiddelen gebruikt om je te verplaatsen
- soms duizelig bent of wankel op de benen staat
- slechtziend bent
- Neem ook de tijd om recht te staan wanneer de dokter of verpleegkundige je komt roepen in de wachtzaal. Wanneer je opgenomen wordt in het ziekenhuis, breng je best stevige schoenen of pantoffels mee met een gesloten hiel en antislipzool.
Wat kan jij doen om mee je veiligheid te verzekeren?
Als patiënt kan je helpen om je verblijf in het ziekenhuis zo veilig mogelijk te maken.
- Geef alle informatie over je gezondheidstoestand en eventuele allergieën: houd geen informatie achter
Bereid je goed voor op het gesprek met jouw arts of de verpleegkundige voor én na een ingreep of onderzoek. Je zet best al je vragen op papier. Vertel jouw arts of de verpleegkundige hoe je je voelt en zeg het als je algemene toestand tijdens je opname verbetert of achteruit gaat. Meld alle allergieën waarvan je weet hebt, bijvoorbeeld bepaalde voedingsstoffen, latex, antibiotica, contraststoffen, ...
Zeg het als je iets niet begrijpt
Durf de nodige vragen te stellen wanneer iets niet duidelijk is of als je ergens over twijfelt. Vraag informatie over de voorgeschreven behandeling of over de onderzoeken die je zal ondergaan. Vraag door tot het je echt duidelijk is. Vraag:
- 'Waarom krijg ik dit?
- Hoe moet ik het gebruiken?
- Hoelang mag ik het gebruiken?
- Kunnen er bijwerkingen optreden en wat doe ik dan best?'
Bespreek vooraf het verloop van je ingreep of onderzoek
Bereid je samen met jouw arts en verpleegkundige goed voor op de ingreep of het onderzoek. Je kan de arts vragen om met een tekening op je huid duidelijk te maken waar en hoe de ingreep precies plaats zal vinden. Lees ook aandachtig de informatiebrochure over de ingreep of het onderzoek. Vraag:
- 'Moet ik nuchter blijven?
- Hoe lang zal de ingreep of het onderzoek ongeveer duren?
- Hoe zal ik mij na de ingreep voelen?
Schrijf op welke geneesmiddelen je gebruikt en stel vragen als de medicatie in het ziekenhuis er anders uitzien dan je verwacht
Maak thuis een lijst van alle geneesmiddelen die je gebruikt met of zonder voorschrift van een arts en neem deze lijst mee naar het ziekenhuis. Schrijf ook op aan welke geneesmiddelen je allergisch bent. Laat het zeker weten aan de arts of verpleegkundige wanneer je bloedverdunnende medicatie gebruikt!
Schrijf per geneesmiddel op:- naam (bijvoorbeeld Dafalgan)
- sterkte (bijvoorbeeld 1 gram),
- wijze waarop je het inneemt (bijvoorbeeld inslikken)
- hoe vaak neem je het in (bijvoorbeeld 3 x/dag)
Stel vragen als de medicatie er in het ziekenhuis anders uitziet dan je verwacht, bijvoorbeeld van kleur, van vorm, ... Vraag waarom dit zo is! Weiger medicatie en voedingsmiddelen waarvan je weet dat je er allergisch aan bent.
- Volg de richtlijnen en adviezen goed op
Houd je aan de aanbevelingen van de arts of verpleegkundige. Vraag wat je wel of niet mag doen. Vraag zo nodig om hulp. Ben je van mening dat je tegenstrijdige informatie ontvangt van verschillende zorgverleners? Laat dat dan gerust weten en vraag bij wie je best terecht kan met jouw vragen.