Wat is een intravitreale injectie?
Dit is een inspuiting in het vitreum (glasvocht) van het oog.
Een geringe hoeveelheid medicatie (0,05cc tot max. 0,1cc) wordt in het oog ingespoten. Afhankelijk van de aandoening bestaat de inspuiting uit:
- anti-VEGF of vaatgroeiremmers
- ontstekingsremmers of corticosteroiden
- proteolytische enzymen (ocriplasmine)
Intravitreale injecties worden vooral toegepast bij:
- de natte vorm van leeftijdsgebonden maculadegeneratie (LMD)
- macula oedeem bij diabetische retinopathie en sommige bloedvatocclusies
- vitreomaculaire adhesies
Het gaat dikwijls om een langdurige behandeling aangezien de injecties meerdere keren moeten gegeven worden met een tussenperiode van 4 tot 6 weken.
Meestal wordt er gestart met een reeks van 3 injecties, telkens met 1 maand tussen, waarna het resultaat wordt geëvalueerd.
Hoe gebeurt de injectie?
De injectie wordt gegeven onder steriele omstandigheden:
- Het oog wordt vooraf met oogdruppels verdoofd.
- Het oog en de oogleden worden ontsmet en een operatiedoek komt over het gelaat.
- De injectie wordt toegediend in het oog via de zijwand van het oog. Vaak zie je dan een wolkje of belletjes.
- Nadien wordt oogzalf aangebracht en wordt het oog afgedekt met een oogverband.
Verzorging na de ingreep
Het oogverband mag de avond van de ingreep verwijderd worden. Soms is uitwendig op het oog een kleine oppervlakkige bloeding te zien, deze zal spontaan verdwijnen.
Breng je oogarts onmiddellijk op de hoogte als je 1 of 2 dagen na de ingreep bijkomende klachten hebt zoals:
- oogpijn
- toenemende roodheid van het oog
- toenemende gezichtsvermindering
- toenemende lichtschuwheid
Risico's
Je arts neemt alle maatregelen om de risico’s minimaal te houden. Ernstige complicaties kunnen zijn:
- infectie binnen het oog
- netvliesloslating
- lensschade
Deze zijn echter zeldzaam.
Andere bijwerkingen kunnen zijn:
- bloeding
- oogdrukstijging
- reactie op de medicatie